Compex Professional
COMPEX
Onze expertise
ELEKTROTHERAPIE
Toepassingsveld
PRODUCTEN
Het Compex-gamma
PROGRAMMA'S
Beschrijving van de programma’s
PATHOLOGIEËN
Directe toegang tot de behandelwijzen
PATHOLOGIEËN
LIGAMENTPLASTIEK VAN VKB

Protocol

VKB: weken 1 – 16.

 

Frequentie van de behandeling

Dagelijks één tot twee sessies (bij twee sessies per dag moet men voldoende rusttijd laten tussen de twee sessies).
Minimum: 3 sessies per week.

Houding van de patiënt

De allereerste sessies, die vooral bedoeld zijn om de spierimmobilisatie weg te nemen, kunnen worden uitgevoerd met het been gestrekt en een kussentje onder de knieholte. Tijdens de volgende sessies wordt de patiënt zittend geplaatst, met de knie in een comfortabele hoek gebogen. Na een voldoende recuperatie van de beweeglijkheid van het gewricht, wordt de knie in het ideale geval in een hoek tussen 60° en 90° gebogen.

 

Plaatsing van de elektroden

De volgorde van de simulatiesequenties vereist de naleving van de nummering van de kanalen. Men moet immers eerst de hamstringspieren en pas daarna de quadriceps stimuleren. Kanalen1 en 2 worden gebruikt voor de stimulatie van de hamstringspieren, kanalen 3 en 4 voor de stimulatie van de quadriceps. Voor elke spiergroep wordt aanbevolen om de kleine positieve elektroden precies op de motorische punten aan te brengen, zoals aangegeven in tekening nr. 6, of beter nog, om de motorische punten te zoeken volgens de instructies

Met de programma's VKB en rekening houdend met de bijzondere werkwijze van de sequentiële stimulatie, kan men de energie van kanalen 3 en 4 niet regelen zonder ze eerste op kanalen 1 en 2 te verhogen. Dit is een bijkomende beveiliging die de contractie van de quadriceps uitsluit als ze niet voorafgegaan is door de contractie van de hamstringspieren. Het is heel normaal dat een patiënt die met de hoogste mogelijke energie wil werken die hij kan verdragen, hogere energieniveaus voor kanalen 3 en 4 (quadriceps) zal bereiken dan voor kanalen 1 en 2 (hamstringspieren).